donderdag 26 juni 2008

Legal Eagles

Oef, ik ben terug van 2 heel vermoeiende dagen NY... Het was voor mij de 2de keer en ik vind het nog steeds een fantastische stad. In Februari had Marc mij er al eens bij wijze van verrassing mee naartoe genomen: Broadway, het vrijheidsbeeld, 9/11 site, Wall Street, 5th Avenue, romantisch wandelen in Central Park....
Maar Manhattan tijdens het weekend is toch net iets anders dan de actie die je ziet tijdens de week. Corporate NY, de drukte, de gladde advocaten, power onderhandelingen...het blijft fascineren!



Toen ik nog bij Real in Kontich werkte, had Thierry (zonder twijfel de beste baas ooit) het “10,000 stappen programma” geintroduceerd. 10,000 stappen blijkt het minimum om uw dagelijks voorgeschreven dosis beweging te bereiken.
Real had toen 3 pedometers aangekocht om de stappen te tellen. Je kon die ontlenen aan de receptie, maar het leek mij evident met mijn vele over-en-weer-geloop dat ik die 10,000 stappen moeiteloos bereikte. Ook de parkeerellende in Schaarbeek had een positieve invloed op mijn bewegingspatroon.

Ik blijk een neus te hebben voor sportieve werkgevers, want nu heeft XO dat 10,000 stappenplan dus ook ingevoerd. Maar dan wel op de typisch Amerikaanse competitieve manier. Er werden 3,000 pedometers aangekocht en teams gevormd. Er is een hele website aan gewijd en gedurende 42 dagen, van 23 juni tot 3 augustus, is het de bedoeling dat ieder team zo veel mogelijk wandelt, loopt, fietst, whatever. Ik ben lid van het team “the Legal Eagles”. De competitie is bikkelhard, de individuele resultaten (van alle 3,000 deelnemers) worden immers dagelijks bekendgemaakt via het intranet!

Ik was ervan overtuigd dat ik een erg belangrijke schakel voor het team zou betekenen, want ook hier loop ik de godganse dag in 't rond... maar tot mijn grote consternatie kom ik maar aan een gemiddelde van 5000 stapjes op het werk. Op 10u tijd! Dus vanavond ga ik met Stormy –de hond van de buren- wandelen, en gisteren ben ik tot bij Isabelle gefietst. Isa woont op 5 minutjes met de wagen van bij ons...maar met de fiets heb ik er bijna anderhalf uur over gedaan, heen en terug, weliswaar ;o)

Door de vele zittende meetings op maandag en dinsdag is mijn bijdrage voor het team tot een dieptepunt gezakt....En toch blijf ik ervan overtuigd dat 14 blokken wandelen en 5th Avenue oversteken onder de brandende zon in een business suit op ultrahoge naaldhakken en zeulend met een valies + computertas - en er daarenboven nog in slagen om er heel elegant en niet zweterig uit te zien – dubbele stappen verdient!

zondag 22 juni 2008

New York New York

Morgen ga ik op zakenreis naar the Big Apple! Ik mag 2 dagen mee met de grote bazen voor de algemene vergadering van aandeelhouders en van de raad van bestuur van XO. Spannend! Ik ben nu dus volop bezig met het maken van mijn valies...en ik ben nog aan t twijfelen of ik mijn sportschoenen zou meenemen of niet?

Vrijdag was er een vergadering ter voorbereiding van de grote reis. Alles zag er goed uit, totdat de CEO en de General Counsel (mijne grote baas) voorstelden om dinsdagochtend samen voor dag en dauw te gaan joggen in Central Park! Het sportieve voorstel werd heel enthousiast onthaald, ik zat daar als enige met mijn wenkbrauwen opgetrokken en een blik van ongeloof in mijn ogen. De CFO kan echter niet mee wegens (zogezegd) geblesseerd aan de voet. Daarom gaat er nu een tweede groep zwemmen in plaats van lopen... !
Serieus, moet ik echt mijn bikini meenemen? Wat is het minst beschamend, als 32 jarige na 1 km (laten we eerlijk zijn, na 500m), met een tomaatkop hijgend en puffend proberen om de 50jarige CEO en ex-marinier bij te houden of in bikini voor uw (overwegend mannelijke) collegas verschijnen? Ik denk dat ik de typisch Europese houding ga aannemen: lekker aan t ontbijt blijven plakken en niet meegaan. Neh.

Nostalgie

Sinds een jaar refereren we naar Vienna als onze “thuis”. We beseffen het maar al te goed: we hebben het heel goed hier. Ik krijg veel reacties van vrienden die ons zeggen hoeveel geluk we hebben met deze expat-ervaring: een iets rustiger tempo (voor mij dan toch), leuk land, mooi weer (in de zomer), weinig of geen sociale verplichtingen... a break from life, als het ware. Het lijkt heel exotisch voor de thuisblijvers. En dat is ook zo, al gaat het leven natuurlijk gewoon verder.

En ik ben niet bepaald een heimwee type, maar zo nu en dan steekt de melancholie de kop op. En de afgelopen week was zo’n emoweek. Ik kreeg al tranen in mijn ogen als ik dacht aan een weekendje in Bassevelde bij mijn mama en zusje, op bezoek gaan bij Grandma, een kus geven aan kleine Maithe, heerlijk kletsen met Ophelie en Julie, de avonden bij Sylvie, de dinertjes met de Taupes en de Tib girls, de vrijdagavonden in de Vismijn ... En bovenop die eenvoudige dagdagelijkse dingen, is er ook het besef dat we heel veel mijlpalen missen: de 1ste verjaardag van mijn metekindje Victor (oftewel Little V), de eerste woordjes en stapjes van Marc’s petekindje Amelie, geboortes, trouwfeesten, housewarmingparties ... en het afgelopen weekend het doopfeest van nichtje Axelle.

Aan de fotos te zien hebben we een geweldig feestje gemist...


De hele familie aan mama’s kant was er, samen met een overvloed aan eten, dure wijn en goeie ambiance.
Ik sta er altijd van te kijken hoe veel kindjes groeien op een jaar. Maithe is geen peutertje meer, ze is zelfs bijna kleuter af... oordeel zelf, dit is toch het mooiste 4-jarig meisje ter wereld (ik heb dan misschien een vooroordeel, maar toch!).







Dus bij deze een bericht aan het Belgische thuisfront en mama in het bijzonder: ik mis jullie allemaal heel erg! Nog een chance dat ik ook hier girlfriends heb, en Marc natuurlijk! Want zonder hem zou k toch serieus verloren zijn hier.

woensdag 18 juni 2008

Virginia is for Lovers, Maryland for Crabs

We hebben bezoek (de papa van Marc) en dus zijn we volop den toerist aan het uithangen. Het voorbije weekend hebben we dan ook een aantal B-dagtrips gemaakt, zij het dan wel zonder de trein - onze 4x4 met airco is een pak comfortabeler.

Op zaterdag stond er een bezoekje aan Maryland en meer bepaald Baltimore - een havenstadje zo’n uurtje rijden van DC – op het programma. Eerst zijn we uitgebreid de inner harbour gaan verkennen, waar ook de stadsinformatiedienst gevestigd is. Wij hadden die (natuurlijk ;o)) niet nodig want we kennen de streek, maar er hangen een paar schone fotos en het is er lekker fris, dus met gasten is dat altijd een goede uitvalsbasis.

Dit werd gevold door een echte tourist-trap: verkenning van de stad (en het water) met een amfibie-hop-on-stay-on-toeristenbusje. Vergis u niet, dit was geen saaie gidsenbedoening... we kregen alledrie een kwekkertje (fluitje om eendegeluiden te maken) en de bedoeling was om op de discobus met een chauffeur op speed zoveel mogelijk de eend uit te hangen. Dit was bijzonder grappig, want alle 20 reizigers deden mee, wij incluis, met uitzondering van die ene 15jarige jongen die zich doodschaamde voor ons allemaal (en zijn ouders in het bijzonder). Bon, het klink onnozel, maar het moet gezegd, zo hebben we wel een heel mooi beeld gekregen van de stad.




Daarna nog een onderzeeer van de Amerikaanse marine bezocht en een hapje gegeten...de crabcakes (locale speciliteit) waren weer voortreffelijk!

De reden waarom we in Baltimore waren, had eigenlijk meer te maken met de baseball match die avond. Omdat de Nationals op verplaatsing speelden en Denver net iets te ver weg was, zijn we maar naar de Orioles gaan kijken. Na een snelle opzoeking op wikipedia zijn we er eindelijk uit: een Oriole betekent wielewaai in t Nederlands. Hup, hup wielewaaien...zeg nu zelf, toch een pak creatiever dan pakweg Den Antwerp of Club.
De match was heel spannend (ja, ze hebben gewonnen), maar ik was toch blij dat ze niet in de verlengingen zijn gegaan, want bibi was chauffeur van dienst.

Op zondag hebben we een wandeling in Georgetown gemaakt, en daarna zijn we wijn gaan proeven op een van de vele vineyards in Virginia. De wijngaarden zijn gelegen ten westen van DC, op de grens met West Virginia, in "the middle of nowhere". Het landschap is er magnifiek, en het is heel gezellig en relaxerend om met een flesje wijn en stukje (Franse) kaas de middag op het terras van de wijnboer door te brengen. Het moet gezegd, ze weten hier wel hoe ze hun staat moeten aanprijzen. Net zoals het wereldburgerschap van de limburgers ondertussen wereldwijd bekend is, doen ze hier ook moeite voor de staatsPR. Iedereen kent wel "the Sunshine State", of "I love New York" en sommigen herkennen misschien zelfs wel "Don't Mess with Texas". Voor Virginia is de slogan "Virginia is for Lovers". Ze willen er volgens mij ook heel graag "Virginia is for Winelovers" van maken ... maar zover zijn ze nog belange niet, al geven ze dat niet graag toe.

De 20$ fles wou een Californier zijn, maar we kregen iets wat verdacht veel leek op de goedkoopste franse Chateau Migraine. Toch was het een beetje vreemd dat wij blijkbaar de enige waren die dat merkten, want de meeste andere gasten gingen vrolijk met een paar kisten (en dus vele $armer) naar huis. Die hadden natuurlijk al een paar flessen op voor ze aan de winetasting begonnen ;o). Maar het was een gezellige middag, lekker rustig, net wat we nodig hadden.

Ter info link met alle andere StaatSlogans

donderdag 12 juni 2008

Checkpoint Charlie

Wij wonen, werken en winkelen in de suburbs van DC en ik beschouw mezelf als een echte “suburbanista” (nvdr: een hippe stadsmus die naar de suburbs is verhuisd “without sacrificing my sense of style” ;o).

Het is hier groen, gezellig en veilig. Uitstapjes naar de bruisende hoofdstad (op maar 10 minutjes met de auto) zijn bij ons meestal beperkt tot (i) onze vrijdagse “wining and dining”, (ii) rondleiding van gasten (Marc is daar trouwens al bijna beter in dan de HopOn-HopOff gidsen), (iii) ambassade feestjes en (iv) “exclusief” shoppen in Georgetown, incl. de Pain Quotidien aldaar. Ter info , wij wonen vlak bij "Tysons Corner" (ten westen van DC).

Alhoewel, DC zou ook de afkorting kunnen zijn van Danger & Crime. Het is immers een van de meest gevaarlijke steden in de US. Alleen al in 2008 zijn er 72 doden gevallen (meestal gang shootings), waarvan 22 in de buurt “Trinidad” - zie het gele sterretje op de kaart hierboven - en 2 op de Mall, de toeristentrekpleister waar alle Smithsonians zijn. Maar, ze hebben nu blijkbaar iets nieuw gevonden om de criminaliteit aan te pakken: militaire Checkpoints...

Op 7 juni hebben ze in Trinidad een Checkpoint ingesteld, iedereen die de buurt in wil (huh?), moet een vragenlijst beantwoorden. Alsof gangmembers doodleuk aan de politie gaan vertellen dat ze op missie zijn.... Maar bon, de checkpoint heeft al zijn vruchten afgeworpen: tijdens het eerste uur van de checkpoint werden 35 van de 60 gecontroleerde voertuigen teruggestuurd en er zijn gedurende de laatste 4 dagen nog geen doden gevallen.














Bedenking: de checkpoints zijn tijdelijk...voor 7 dagen. Ik vraag mij af of dat een invloed zal hebben op de statistieken. Voor een sfeerbeeld van Trinidad, zie: http://www.npr.org/programs/tmm/2008/Trinidad%20Slideshow/index.html. Misschien moeten we Trinidad vanaf nu ook een plaatsje geven op onze gidsroute...?

In ieder geval, vrees niet voor ons. Wij zijn veilig...dankzij de buren.

maandag 9 juni 2008

Fun in the sun

Iedereen die mij een beetje kent, weet dat ik nooit klaag over warmte. Ik ben helemaal in mijn element als de zon van de partij is. Maar zelfs voor mij is 100degrees (Fahrenheit = 36 graden celcius – “feels like 43”) zweten geblazen.

Toen we vorig jaar een huis zochten, stonden er 2 op de shortlist: 1 met een community pool (voor de neighborhood – lekker samen met de buren in t water), en 1 zonder. Maar aangezien het eerste huis een noordterras had, hebben we geopteerd voor het tweede. Toen konden we nog niet weten dat (i) een zuiderterras een overbodige luxe is omdat het te warm is om op het terras te eten overdag en (ii) het zo moeilijk zou zijn om een zwembad te vinden.

Inderdaad, zwemmen doen ze hier heel graag, maar dan vooral de fortuinlijken met een eigen zwembad, of diegenen die lid zijn van een club. Ik dacht in den beginne dat ik wel een openbaar bad zou kunnen vinden (cfr. het stedelijk zwembad van zelzate of zo) waar je voor een luttele 3dollar vrijblijvend kan gaan plonsen, maar dat blijkt niet evident.

Er zijn drie opties:
- ofwel woon je in een dorp waar er public pools zijn, en dan kan je voor een spotprijsje van 25dollar de hele zomer zwemmen. Wij hebben die chance niet... Vienna doet wel in tennisterreinen, maar niet in water. (het dorp naast ons wel, maar daar mogen wij dus niet in!)
- ofwel word je lid van een tennisclub (waaraan meestal een zeer mooi openluchtbad is verbonden). Probleem: de wachtlijst is ongeveer 7 JAAR...en kost ongeveer $25.000 aan lidgeld. Je moet dan immers een aandeel in de sportclub kopen. Inderdaad, voor dat bedrag kan je al een eigen 25meterbad in de tuin aanleggen.
- En last but not least, je kan proberen lid te worden van een private pool. Ook hier is er een addertje natuurlijk: de meeste abonnementen zijn uitverkocht en er komen niet zoveel plaatsen vrij. En het kost ook wel wat, ongeveer $450 voor een gezin voor 1 zomer (van mid mei tot 1 september). Tienbeurtenkaarten hebben ze jammer genoeg niet...
Tot daar dus mijn hoop om af en toe eens in t water te springen hier...

Na zaterdag een hele dag onder de blakende zon in de tuin te hebben gewerkt, had ik me voorgenomen om de zondag met een goed boek, een tube zonnecreme en liters water op mijne transat op het terras door te brengen. Tot het verlossende telefoontje van Isabelle kwam... Zij had een advertentie gezien voor een zwembad dat “open house” hield die dag. Iedereen mocht gratis binnen EN er zijn nog abonnementen te verkrijgen! Zo gezegd, zo gedaan, een kwartier later lagen we in’t water... Heerlijk!

DC networking

Na een week van weerbericht-trivia, was het zaterdag terug naar de harde realiteit van DC : ambassade-feestje ten gelegenheid van het staatsbezoek van de Belgische minister van Defensie Pieter De Crem aan zijn Amerikaanse collega Robert Gates.

Dergelijke feestjes vinden plaats op de residentie van onze Ambassadeur, en niet op de ambassade zelf, wat een serieuze meevaller is. De residentie is immers veel mooier en beter gelegen dan de ambassade en is zelfs recentelijk gerenoveerd.

De vorige keer dat we waren uitgenodigd op de residentie was op 15 november, ter gelegenheid van “Kings Day”, of beter bekend als de Dag van de Dynastie. Bij het parkeren had een dienstdoende politie-agent ons toen al in de gaten: "Are you going to Belgium?" ... Heum ... “yes, we are going to Belgium" en daar waren we dan. We werden aan de deur begroet door Dominique zelf - sorry, op dat moment was het nog meneer den Ambassadeur. Een plezant klapke gedaan, al kon meneer den Ambassadeur toch niet zo goed lachen met de “goedbedoelde” grap van Marc: "we zijn dit jaar maar gekomen want het kan goed de laatste keer zijn".

Ook deze keer was er een ontvangstcomite: niet de politieagent die ons de weg wees naar eigen land, maar wel 2 congolezen die ongenodigde gasten moesten tegenhouden op de parking. Het deed allemaal een beetje koloniaal aan.

We werden verwelkomd door mijnheer de Ambassadeur en Minister de Crem. Weer een plezant klapke gedaan. Blijkt dat onze Ambassadeur binnenkort van “stelplaats” (sic) verandert, hij gaat naar den Congo voor een paar jaar (Waren die 2 snoeshanen op de parking misschien zijn nieuwe lijfwacht?). Wij vinden dat natuurlijk reuze jammer, zo een goeie Ambassadeur (en speecher) hadden we nog niet gehad.

Over naar de belangrijkere zaken op een feestje: den toog. De biertoog was deze keer beter uitgerust dan op Kings Day: Leffe, Duvel, Kriek, Stella, Jupiler, Hoegaarden... ze hadden de grote middelen bovengehaald. De vorige keer was er enkel Bel-pils en Hoegaarden... toen vreesden we dat de renovatie meer had gekost dan begroot ... onze vrees bleek ongegrond.

Op de receptie werden Isabelle en ik aangesproken door 2 duistere figuren met een hoog Love Boat gehalte. Bleek dat het 2 fransen waren die al 15 jaar in Belgie wonen en die hun debut in de televisiewereld willen maken. Ze nemen in de States een nieuw tv programma op, een beetje in de stijl van Fata Morgana: “Belgian Dinner”. De pilot werd hier in DC opgenomen en ze waren dringend op zoek naar 100 mensen om zondagavond mee te doen. Blondjes zoals Isa en ik waren natuurlijk meer den welgekomen ;o)
We hebben voor de camera een paar woordjes geplaceerd, maar toen we hadden begrepen dat de tv-rechten nog moeten worden verkocht (en het dus zelfs misschien de tv niet eens haalt) – hebben we toch maar besloten om onze zondagavond op een andere manier in te vullen.

Het feestje duurde maar anderhalf uur, maar t was heel gezellig. Zelfs Marc vond het leuk, ondanks alle fotos van Filip en Mathilde overal op de buffetkasten.